Text

ENG

Viktor Baltus | Seeing what we perceive

Viktor Baltus’ work is based on his fascination with the act of perceiving. Captivated by the variability of perception, his work is an investigation of the relationship between perceiver and perceived phenomenon or object. “We have a relative conception of colour. Lighted in a certain way, a green dike can come across as almost blue. Also it is often the case that there is a huge difference between what we think we see, and what is actually there to be seen.”
 
Even though Baltus is an experienced perceiver, he is conscious of the subjectivity of his perception. Still, he claims to be in search of a certain form of objectivity. Even if it is his perception that is portrayed in a painting, it is presented without passing judgement or giving an interpretation. This fascination with perception isn’t limited to the perception of colours. Baltus is continuously trying to discover remarkable shapes and forms. His paintings are rarely found on flat surfaces, but are hidden in the cavities of wooden bowls, or on dishes, broken bench seats, small or large tondos, cigar-boxes, etc. These ‘found objects’ are what give his work its characteristic object-status. In it, form and depiction alternate at taking the lead.
 
The work of Viktor Baltus is highly visual. With a gaze, bordering at being analytical, he scrutinizes colour, surface, dimension, light, form and their interaction. Narrative content is avoided to the greatest extent possible. Despite his quest for objectivity his work is all but formal. The amazement granted by his act of perception can be felt in each separate piece.
 
Sara Lijftogt Zutphen February 2011
NL

Viktor Baltus | Zien wat we waarnemen

De basis voor het werk van Viktor Baltus is gelegen in zijn fascinatie voor de waarneming. Verwonderd over de veranderlijkheid van de waarneming onderzoekt hij in zijn werk de relatie tussen waarnemer en het waargenomen fenomeen of object. “Hoe we kleur ervaren is relatief. Onder bepaald licht lijkt een groene dijk soms bijna blauw. Bovendien is er vaak een groot verschil tussen wat we denken te zien en wat daadwerkelijk zichtbaar is.”
 
Ondanks dat Baltus een geoefend waarnemer is, is hij zich bewust van de subjectiviteit van zijn waarneming. Zelf zegt hij in zijn werk op zoek te zijn naar een bepaalde mate van objectiviteit. In zijn schilderijen laat hij zien wat hij ziet, maar dan wel zonder oordeel of interpretatie.
 
Zijn fascinatie voor de waarneming beperkt zich niet alleen tot de ervaring van kleur. Baltus is constant op zoek naar bijzondere ruimtelijke vormen. Zijn schilderijen vinden zelden plaats op het platte vlak maar verschuilen zich in de holtes van houten kommen of vinden plaats op schalen, stoelzittingen, kleine of grote tondo’s, sigarendoosjes, etc. Het zijn precies deze ‘gevonden vormen’ die het werk zijn karakteristieke objectmatigheid geven. Daarbij spelen vorm en afbeelding wisselend een hoofdrol.
 
Het werk van Viktor Baltus is zeer visueel. Met een bijna analytische blik kijkt hij naar kleur, vlak, ruimte, licht, vorm en hoe deze op elkaar inwerken. Daarbij probeert hij een verhalende inhoud zo veel mogelijk te vermijden. Ondanks zijn zoektocht naar objectiviteit is zijn werk alles behalve formeel. De verwondering over dat wat hij waarneemt is in elk afzonderlijk werk voelbaar.
 
Sara Lijftogt Zutphen Februari 2011
NL

Cat. Standplaats Schagen | Kunststelling Alkmaar

Dat perspectief een poö tische kracht van vluchtigheid en ijle doorzichtigheid kan bezitten, zag ik laatst bij Viktor Baltus. Ik was er even overdonderd van. Wat is dat toch? Hoe kan dat nou? Zo’n ogenschijnlijk eenvoudig en klein beeld van enkele lijnen en vlakken op papier. Het kan. Viktor kan dat.
 
Een aantal jaren geleden waren enkele werken van Viktor op verschillende plekken te zien. Wat vooral opvallend was aan zijn kleine schilderijen en tekeningen was de enorme kracht die ze tentoonspreidden in de ruimte waar de hingen. Ze bezitten een geconcentreerdheid die bepalend is voor hun omgeving. Ze stralen een onuitputtelijke energie uit. Een half jaar na zijn afstuderen aan de academie te Arnhem zit Viktor vol ideeën. Over mogelijkheden, plannen, wat hij allemaal nog wil gaan doen en ontdekken. Als het even kan is hij te vinden in zijn atelier om te werken en nog eens te werken. Of in zijn ruimte en tussen zijn spullen te zijn. Hij neemt zijn vak serieus en kent een innerlijke trots die hem voedt en drijft.
 
De vele BIC-tekeningen die Viktor tijdens zijn opleiding aan het grafisch lyceum maakte, gingen op de academie over naar kleuronderzoek. Er openbaarde zich een nieuwe wereld toen hij in de duinen werkelijk naar kleur ging kijken. Hij was verbijsterd dat zijn huidige waarneming totaal niet strookte met zijn kleurherinnering aan de duinen. Het werk van Merleau-Ponty, filosoof en aanhanger van de fenomenologie, gaf hem onlangs de woorden bij deze ontdekking. Namelijk het inzicht dat onze waarneming een relationeel gegeven is dat ervaren en begrepen wordt door de relatie van onszelf en het object dat we waarnemen.
 
De ruimte, de leegte, tussen de dingen en tussen ons en het object dat we waarnemen is daarbij van even groot belang. Zoiets doet hem veel. Zaken krijgen een plek. Het is het geluk dat jouw voorheen onbenoembare kennis en ervaring door een ander helder benoemd worden. Viktor noemt Merleau-Ponty, wanneer hij vertelt over zijn fascinatie hoe onze waarneming werkt. De relativiteit van perspectief- en ruimtewaarneming heeft hij vormgegeven in het werk Mist. Waar bevinden wij ons wanneer we naar het schilderij kijken. Viktor ademt een tijdloze rust uit. Zijn bewegingen en zijn stem kennen een gestaagheid. Hij vertelt wat hem bezighoudt, hij houdt van feedback en is een open gesprekspartner die regelmatig laat zien wat hem bezighoudt, wie hij is. Tegen de leuning leunend, de handen gevouwen achter zijn hoofd. Een rode blos van een net ondernomen inspanning. Viktor is ook hongerig en zoekende. Het zoeken van een jonge hond. In zijn werk zelf vallen oordeel en stellinginname die daarbij horen weg. Hij doet daar een wereld verschijnen van kleur, van vlakken die elkaar leven inblazen.
 
De wereld van het lichaam, van de natuur, die klopt en een stille hartslag kent. Het beeld valt samen met zichzelf. Is samengebald. Tijdens zijn academiejaren heeft Viktor zich beziggehouden met holtes en niches. Ze waren vaak klein en donker van vorm en riepen de warmte van een schuilplaats op. Het is er veilig en je kunt er naar toe vluchten, of je er terugtrekken om even alleen te zijn. Schuilplaatsen waar je je dierbare schatten en geheimen veilig onder zou kunnen brengen. Bij het werk Graf is het gat geen holte, niche of veilige plek. Het is groot, hoekig en onontkoombaar. Geen geborgen ruimte, maar een gapend gat.
 
Vervolgens heeft hij zich beziggehouden met landschappen. Landschappen als kleurvlakken, weidse horizonten die ruimte blijven ademen, ondanks de kleine formaten waarop ze geschilderd zijn. Sterker nog, wanneer het werk van Viktor letterlijk van groter formaat zou zijn zou dat de weidsheid van de landschappen niet versterken. Dat is sterk.
 
Vele vormen blijven je bij. Ze blazen een bijzondere adem. Ze zijn klein en je zou ze aan willen raken om iets van hun harteklop met je mee te kunnen nemen. Het verlangen dat je hun adem ingeblazen zou willen krijgen is iets wat soms opgeroepen wordt. In de werken die op deze tentoonstelling te zien zijn, zien we dat Viktor pasteus is gaan werken. Lichtvlekken laat een lichamelijkheid van licht zien. De dik aangebrachte verf geeft het licht een monumentaal karakter. Dat kennen wij niet van licht. Toch bezit het die kracht. Een mengeling van viesachtige witten is witter dan wit… en komt met een enorme kracht naar voren. Pats!
 
Drs. Mi-hyun Sook Schagen, Mei 2010
NL

Viktor Baltus | Het stille licht

Cat. Eindexamen Catalogus ArtEZ 2009 Viktor Baltus ziet er zelf uit alsof hij generaties geleden al geboren werd en sindsdien niet meer is veranderd. Met zijn rossige haar, zijn ruwe bolster en zijn zwijgzaamheid stamt hij lijnrecht af van de oude West-Friezen die kaarsrecht door het horizontale landschap gingen tot de wind of de dood hen deed neerliggen.
 
Ik ken het werk van Viktor Baltus sinds een paar jaar. Zijn grote talent voor schilderen viel ogenblikkelijk op. Wat hij maakte viel op door de kleinheid, de bescheidenheid, van formaat en gebaar, de eigenaardige bijna onbenullige dragers als dekseltjes en afgedankte plankjes en het grootse gevoel voor kleur, lichtval en verftoets.
 
Alhoewel de naam Baltus natuurlijk doet denken aan die van de grote schilder Balthus, deed het werk me eerder denken aan Morandi, de schilder van stillevens met grijze potjes. Bescheiden stillevens waar zoveel kleuren grijs in zitten dat men meent dat ze pas bestaan sinds Morandi ze wist te mengen op zijn palet. Iets dergelijks lukt Baltus ook. Zijn kleurgevoel is zo groot dat je al gauw meent dat hij al die kleuren heeft laten mengen door een natuurkundige, of door een god. Maar wat anderen niet uit de verftube weten te knijpen, haalt Baltus er wel uit.
 
Men zou kunnen menen dat Baltus een schilder pur sang is, maar naast het schilderen onderzoekt hij in ruimtelijke installaties de inwerking van het licht op de architectonische ruimte. Grote rol in die installaties spelen doorkijkjes, gaten en holtes. Wellicht verraden ze een interesse in sensuele erotiek, maar waarschijnlijker is dat ze staan voor een veel breder verlangen, namelijk het verlangen om daar te zijn waar men geborgen is. Die geborgenheid is bijna altijd elders, zodat het bij een onvervuld verlangen blijft.
 
In het veelkleurige landschap van vandaag waar een bonte mengeling van cultussen en culturen de oude cultus van de stilte op een schreeuwerige manier verdringt, wil het werk van Baltus niets anders dan juist deze mystieke cultus van de stilte waar velen zich dodelijk ongemakkelijk bij voelen. Het gevoel voor verstilling, voor het zilveren licht, voor bestorven kleur, voor de kale wind die over de dooie akkers jakkert, voor de noordwesterstorm die de bloemkoolwolken opjaagt, kortom voor alles waar de Hollandse school zo vermaard om is geworden, dit alles is terug te vinden in het werk van Viktor Baltus. Dat is meer dan genoeg.
 
Rinke Nijburg Arnhem, Mei 2009